Werkvorm 4:
VRAGEN STELLEN AAN DE BIJBELTEKST (bijbellezen)
Doel: je hebt je het bijbelgedeelte zo eigen gemaakt dat je in staat bent
de jongens en meisjes goed te begeleiden in hun groei in geloof
Tijdsduur: een half uur
Aantal deelnemers: (min/max) 1-1000
Leeftijd: vanaf 1 2 jaar
1.wat staat er precies
- wie het zegt - waarom zegt hij het
- tegen wie zegt hij het - wanneer zegt hij het
- waar, op welke plaats zegt hij het
- op welke manier zegt hij het
zegt hij het rechtstreeks of door middel van een gelijkenis of een
spreuk of een geschiedenis (een voorbeeld) of een symbool of een wonder
- Iet op het verband met het voorgaande en het volgende
2. probeer voor jezelf een kernwoord vast te stellen
(welk karakter, welke sfeer heeft het stuk)
vermanend, troostend, bemoedigend, een belofte inhoudend, waarschuwend,
een positief of negatief gevoel achterlatend, mooi, naar, fijngevoelig, grof, verwondering
wekkend, stil makend, ontroerend, ...
3. stel je levendig voor wat hier gebeurt, vooral als het gaat om de relatie tussen
God en de mensen
4. stel je levendig voor wat die mensen toen gedacht, gedaan hebben
5. wat zegt God hier tegen mij (rechtstreeks of wat kan ik uit het verhaal afleiden)
6. groeien in het geloof is . . . . .wat zegt God hier tegen mij en wat is mijn antwoord daar
op
7. probeer dit om te zetten in concrete aanwijzingen voor jezelf in de drieslag: .
Gods Woord lezen, je eigen maken, om te groeien in jouw geloof! Als je dat zelf 'doorleeft',
kun jij het beter overbrengen op de jongens en meisjes. Als je zelf aan kunt geven wat je eraan
hebt voor je persoonlijke geloofsleven, kun je die houding, dat geloof ook voorleven.
Aanwijzingen voor gebruik:
Niet alle vragen zullen altijd evenzeer van toepassing zijn.
Naast de NBG vertaling kun je een kopie van een andere vertaling of parafrase verzorgen. In ieder geval aan de orde laten komen: wat kan ik er concreet mee voor Hoofd, Hart en Handen.